Devotionals
18 mei 2026

Sta mij toe voor te lezen uit het boek Psalmen – Psalm 147, verzen 19 en 20. De Bijbel zegt: „Hij verkondigt Zijn woord aan Jakob, Zijn wetten en Zijn oordelen aan Israël. Hij heeft zo met geen enkel volk gehandeld; en wat Zijn oordelen betreft, die hebben zij niet gekend.” Met andere woorden, geen enkel ander volk op aarde ontving het woord van God om te bewaren en later door te geven. Het was een van de taken waarvoor Israël was uitverkoren. En het is interessant omdat de focus niet op religie ligt; het gaat om het woord van God. De vraag is: wat doe je met het woord van God? Het gaat niet om wat je met je traditie doet? Wat je met je eigen ding doet? Het gaat erom wat je met het woord van God doet? Is het niet interessant dat wanneer je het woord niet alleen kent, maar ook begrijpt, alles dan logisch wordt?
Maar de vraag is: ken en begrijp je het echt? In de hele Bijbel gaf God enerzijds het volk van Israël orakels, Zijn woord, Zijn geboden. Maar tegelijkertijd bleef Hij hen vertellen dat gehoorzaamheid beter is dan offers. Gehoorzaamheid is beter dan offers! God zegt tegen het volk van Israël toen, net zoals Hij tegen de wereld van vandaag zegt, dat offers niets betekenen als ons hart niet op de juiste plaats is.
In Jesaja hoofdstuk 1, vers 11 tot en met 15, zegt de profeet Jesaja tegen het volk van Israël: “Wat heb Ik aan al jullie offers?”, zegt de Heer. “Ik heb genoeg van brandoffers van rammen en het vet van gemeste runderen. Ik heb geen behagen in het bloed van stieren, of van lammeren of geiten. Wanneer jullie voor Mijn aangezicht verschijnen, wie heeft dit dan van jullie gevraagd, om Mijn voorhoven te vertrappen? Breng geen zinloze offers meer; wierook is Mij een gruwel. De nieuwe manen, de sabbatten en het bijeenroepen van de vergaderingen – Ik kan ongerechtigheid en de heilige bijeenkomsten niet verdragen. Jullie nieuwe manen en jullie vastgestelde feesten haat Mijn ziel.’”
Kun je je voorstellen dat je als jood elke zaterdag of elke feestdag naar de synagoge gaat en dit leest? Toen ik Jesaja hoofdstuk één voor het eerst las, zag ik dat God tegen het volk van Israël zegt: “Ik haat jullie sabbatten, jullie nieuwe manen, jullie feesten.” Wacht even, wat bedoel je met ‘Ik haat’? Jij hebt het ons gegeven. Jij bent degene die zei: “Ik wil dat jullie de sabbat houden. Ik wil dat jullie de feestdagen houden.” Dus wat is het dan dat U haat? God zegt: “Nou, mensen, jullie begrijpen toch wel dat ik hier geen behagen in schep als jullie handen onder het bloed zitten.” Hij zei: “Ik heb dit allemaal niet nodig.”
God is geen God die op de troon zit en de hele dag offers nodig heeft van mensen wier hart niet recht is voor Hem. En, met alle respect, je ziet dat in het jodendom van die tijd, net zoals je dat ziet in het jodendom van vandaag, net zoals je dat ziet in het katholicisme van vandaag, net zoals je dat ook kunt zien in elke andere religie van vandaag. Corruptie is overal wanneer de mensen niet alleen het woord van God niet volgen, maar God ook niet persoonlijk kennen.
Veel voorgangers hebben de vergelijking gemaakt tussen uit eten gaan met een foto van je vrouw terwijl je je echte vrouw thuis laat, en genoegen nemen met religieuze rituelen in plaats van een relatie. Waarom zou je dat doen? Toch doen velen vandaag de dag het laatste, terwijl ze het eerste vermijden.
Marcus 7:3-7
Want de Farizeeën en alle Joden eten niet tenzij ze hun handen op een speciale manier wassen, in overeenstemming met de traditie van de oudsten. Wanneer ze van de markt komen, eten ze niet tenzij ze zich wassen. En er zijn nog vele andere dingen die ze hebben overgenomen en in ere houden, zoals het wassen van bekers, kruiken, koperen vaten en banken. Toen vroegen de Farizeeën en de schriftgeleerden Hem: “Waarom wandelen Uw discipelen niet naar de traditie van de oudsten, maar eten zij brood met ongewassen handen?” Hij antwoordde en zei tegen hen: “Goed heeft Jesaja over jullie huichelaars geprofeteerd, zoals geschreven staat: ‘Dit volk eert Mij met hun lippen, maar hun hart is ver van Mij. En tevergeefs aanbidden zij Mij, terwijl zij de geboden van mensen als leerstellingen onderwijzen.’”
De heftigste woordenwisselingen die Jezus in de Bijbel had, waren altijd met de Farizeeën, die Hij vaak hypocrieten noemde. De bovenstaande passage vertelt ons waarom. Zij leerden anderen dat hun hypocriete praktijken leerstellingen van God waren, terwijl het in werkelijkheid door mensen bedachte rituelen waren. Jezus zei dat hoewel zij dingen zouden zeggen en doen die godvruchtig klinken en lijken, hun harten ver van Hem verwijderd waren.
Houd in gedachten dat de Farizeeën er uiterlijk voor anderen heel spiritueel uitzagen. Ze deden dingen die anderen zouden zien als gepaste religieuze etiquette. Ze baden lang, gaven in het openbaar aalmoezen, vastten en deden dingen zodat anderen zouden weten dat ze aan het vasten waren. In alle opzichten waren ze in de ogen van de massa de super-spirituele mensen.
Jezus maakte ook een soortgelijke opmerking over valse leraren toen Hij de Bergrede afsloot:
Matteüs 7:21-23
“ Niet iedereen die tegen Mij zegt: ‘Heer, Heer’, zal het koninkrijk der hemelen binnengaan, maar hij die de wil doet van Mijn Vader in de hemel. Velen zullen op die dag tegen Mij zeggen: ‘Heer, Heer, hebben wij niet in Uw naam geprofeteerd, in Uw naam demonen uitgedreven en in Uw naam vele wonderen verricht?’ En dan zal Ik tegen hen zeggen: ‘Ik heb u nooit gekend; ga weg van Mij, gij die onrecht pleegt!’ ”
Neem geen genoegen met herhaalde zinnen, religieuze vieringen of door mensen bedachte gebruiken. Dat is alsof je een foto van iemand meeneemt naar een etentje in plaats van de persoon zelf. Wat God met ons wil, is niet alleen het naleven van uiterlijke, vaste rituelen, maar een intieme, persoonlijke relatie met Hem totdat Hij komt.
Kom toch snel, Heer Jezus.
Bron: Amir's Bible Bites Devotionals
