www.wimjongman.nl

(homepagina)


Historie Crash cursus #25: De Tweede Tempel

door Rabbi Ken Spiro

()

De Heilige Tempel wordt herbouwd, maar is niet dezelfde, omdat de Ark des Verbonds ontbreekt.

De herbouw van de Tempel, die was begonnen onder Cyrus toen de Perzen voor het eerst het Babylonische rijk overnamen, en die daarna 18 jaar was onderbroken, werd hervat met de zegen van Darius II, de Perzische koning van wie wij geloven dat hij de zoon van Esther was.

In 350 v. Chr. is het werk voltooid en wordt de Tempel opnieuw ingewijd. Maar het is niet hetzelfde.

Het intense spirituele van de eerste tempel is niet te vergelijken met de tweede. De voortdurende openlijke wonderen zijn verdwenen. Ook de profetie zal verdwijnen in de beginjaren van de tweede Tempel. De Ark des Verbonds is weg - en hoewel er een Heilig der Heiligen is, staat het leeg.

De Ark - deze speciale met goud beklede cederhouten kist die de tafelen van de Tien Geboden bevatte - was de plaats waar de Shechina, de Aanwezigheid van God, uit de hemel neerdaalde tussen de uitgestrekte vleugels van de twee gouden cherubs. Wat gebeurde ermee? De Talmoed spreekt erover en vertelt twee meningen.(1) De ene mening zegt dat de Babyloniërs het meenamen in gevangenschap. De andere opvatting zegt dat het verborgen werd door koning Josia die de op handen zijnde invasie en vernietiging had voorzien.

In de Talmoed wordt een bekend verhaal verteld over een cohen, een priester, die een losse steen vindt op de Tempelberg en zich realiseert dat daar de Ark verborgen is. Op weg om het anderen te vertellen, sterft hij.(2) Het punt van het verhaal is dat het niet de bedoeling is dat de Ark gevonden wordt. Nog niet.

Ezra en Nechemia

De Joden die de Tempel in Jeruzalem herbouwden werden geconfronteerd met vele uitdagingen en moeilijkheden. Sterk leiderschap zou voor hen essentieel zijn om zowel de Tempel te kunnen herbouwen als opnieuw een sterke gemeenschap op te bouwen.

Twee personen speelden een cruciale rol bij de wederopbouw van de Joodse gemeenschap in Israël. De ene was Ezra.

Ezra, een schriftgeleerde en een leider van de Joodse gemeenschap in Perzië, hoort dat de Joodse gemeenschap in het Heilige Land spartelt zonder koning of profeet. Dus neemt hij 1496 goed gekozen mannen met leiderschapscapaciteiten mee en komt hen te hulp.

Ezra wordt in de Talmoed zo hoog aangeslagen dat over hem wordt geschreven dat "de Tora aan Israël gegeven had kunnen worden door Ezra, ware het niet dat Mozes hem voorafging" (Sanhedrin 21b).

Deze hoge lof gaat naar Ezra voor de geestelijke wederopbouw van het Joodse volk en zijn inspanningen om de Tora-wetgeving in het land te herstellen.

Een van zijn meest dramatische hervormingen is zijn oorlog tegen assimilatie en inter-huwelijken.

Inderdaad, het Boek Ezra veroordeelt alle mannen die in Israël woonden en die niet-Joodse vrouwen hadden getrouwd en noemt hun namen - alle 112 van hen. (Ezra 10:18-44.)

Je zou kunnen vragen: Waarom zo'n probleem? Per slot van rekening zijn er maar 112 mannen afgedwaald. Vandaag de dag zijn er miljoenen Joden die gemengd trouwen - in Amerika bedraagt het percentage van het gemengde huwelijk meer dan 50%. Het verschil is dat 2500 jaar geleden, zelfs één jood die gemengd huwde een schande was. Nu accepteert de samenleving het als normaal. Zogenaamde "progressieve" gemeenten in Amerika zijn zelfs op zoek naar rabbijnen die gemengde huwelijken willen voltrekken - om legitimiteit te verlenen aan iets wat de Bijbel herhaaldelijk veroordeelt, en wat de dood van het Joodse volk betekent.

Door de inspanningen van Ezra worden deze gemengde huwelijken ontbonden. Het hele volk komt dan bijeen in Jeruzalem - mannen en vrouwen uit het hele land - en de Tora wordt aan allen voorgelezen. Aan het eind beloven alle aanwezigen niet gemengd te zullen trouwen, de Tora te zullen onderhouden en zichzelf geestelijk te zullen versterken.(3)

De andere belangrijke persoonlijkheid uit deze periode is Nehemia, een leider van de Joodse gemeenschap van Babylon en een ambtenaar van keizer Darius II. Hoewel Ezra erin geslaagd was de teruggekeerden geestelijk te versterken, bleef Jeruzalem ongebouwd en onbeschermd. Dertien jaar na de komst van Ezra arriveert Nehemia, die door Darius tot gouverneur is benoemd. Na Jeruzalem te hebben verkend kondigt hij aan: "Kom, laten we de muren van Jeruzalem bouwen, zodat we niet langer een voorwerp van verachting zullen zijn." (Nehemia 2:17). Ondanks de pogingen van de omringende volkeren om de bouw te verhinderen, wordt de muur voltooid. Geestelijk en lichamelijk versterkt, zal Jeruzalem welvarend zijn en haar bevolking zal zich uitbreiden.

Geestelijk vacuüm

Ondanks Ezra's inspanningen (en die van de andere leiders) is de Tempel geestelijk slechts een schaduw van zijn vroegere staat.

De teruggekeerden uit Babylon zijn niet in staat om de Tempel net zo prachtig te herbouwen als die van Salomo. Uiteindelijk (rond 30 v. Chr.) wordt de Tempel herbouwd door Herodes de Grote, en wordt het een spectaculair bouwwerk, maar hoewel het fysiek prachtig zal zijn, zal het geestelijk leeg zijn in vergelijking met de Eerste Tempel. En ook al zullen er hogepriesters zijn, het instituut zal corrupt worden.

Volgens de Talmoed waren er tijdens de Eerste Tempelperiode van ongeveer 410 jaar slechts 18 hogepriesters. Gedurende de Tweede Tempelperiode van 420 jaar waren er meer dan 300 Hogepriesters! Wij weten (uit de Talmoed, Yoma 9a) dat Yochanan 80 jaar Hogepriester was, Shimon 40 jaar Hogepriester, en Jismaël ben Pabi 10 jaar Hogepriester. Dat betekent dat er in de resterende 290 jaar minstens 300 priesters waren - één per jaar of zo. Wat verklaart dat?

De Talmoed vertelt ons dat het Heilige der Heiligen verboden terrein was, behalve op Jom Kippoer. Alleen op die ene dag gingen de hogepriesters naar binnen om speciale rituelen voor God uit te voeren. Maar als hij zelf niet geestelijk rein was en niet in staat zich te concentreren, zou hij de intense ontmoeting met God niet kunnen doorstaan en ter plekke sterven. Wij weten dat in de Tweede Tempelperiode een touw aan de Hogepriester moest worden gebonden, zodat hij, in geval hij stierf, uit het Heilige der Heiligen kon worden getrokken.

Omdat het hele Hogepriesterschap gedurende het grootste deel van de Tweede Tempelperiode een gecorrumpeerde instelling was, stierven de Hogepriesters ieder jaar of werden zij vervangen. (4) En toch drongen de mensen aan op de baan, die naar de hoogste bieder ging. Dus de vraag moet worden gesteld: Als hij zou sterven op Yom Kippur, wie zou de positie dan willen? Een mogelijk antwoord is dat veel van de kandidaten sterk geloofden dat hun onjuiste Tempeldienst eigenlijk de juiste manier was om het te doen.(5) Dat is hoe slecht dingen kunnen worden.

Verlies van profetie

Waarom ging het zo slecht?

Grotendeels omdat profetie uit het land verdween en een sterk centraal gezag grotendeels ontbrak.

Toen de profeten er nog waren en het leiderschap sterk was, was ketterij veel moeilijker. Een profeet sprak met God en hij zette een ketter meteen recht. Niemand kon de grondbeginselen van het Jodendom ontkennen in het aangezicht van profetie en openlijke wonderen. In de periode van de Richters en de Eerste Tempel kon een individu altijd uit vrije wil besluiten het Jodendom te verwerpen, afgoden te aanbidden en zelfs de onzuivere spiritualiteit van de afgodendienst te gebruiken om magie en waarzeggerij uit te oefenen, maar de aanwezigheid van profeten en sterk leiderschap maakte het vrijwel onmogelijk om de filosofie en de praktijken van het Jodendom te ondermijnen.

Maar toen de profetie verdween en het centrale gezag verzwakte, werd het gemakkelijker voor de mensen om af te dwalen en voor verschillende heilige instellingen (zoals het Hogepriesterschap) om corrupt te worden.

De profetie verdween omdat het Joodse volk haar relatie met God had beschadigd. Zij waren geestelijk zwakker en konden niet hetzelfde intense geestelijke werk doen dat nodig was om profetie te bereiken(6). Om een profeet te zijn moet je jezelf geestelijk vervolmaken, je moet totale zelfbeheersing hebben. Het is de ultieme Joodse uitdrukking van wie een groot man is. De wijzen zeggen, "Wie is een groot man? Hij die zijn neigingen overwint (zichzelf beheerst)." [Ethiek van de Vaders, 4:1]

Profetie in het Joodse begrip is niet alleen het vermogen om de toekomst te voorspellen. Het is een staat van transcendentie van de fysieke wereld. Het betekent dat de profeet een zo hoog niveau van begrip heeft bereikt dat hij of zij in staat is te communiceren met het Oneindige en toegang heeft tot informatie en begrip die voor een normaal mens ontoegankelijk zijn.

Mozes was de ultieme profeet - dat wil zeggen dat hij het hoogste niveau van profetie bereikte dat menselijkerwijs mogelijk is. Maar er waren vele anderen - honderdduizenden, volgens de Talmoed - die lagere niveaus bereikten en profeten waren. In het verhaal van Saul spraken we over hoe het Joodse volk de profeten over alles raadpleegde, ook over verloren voorwerpen. Maar dat fenomeen verdwijnt in de beginjaren van de tweede Tempel. "Nadat de latere profeten, Haggaï, Zacharia en Maleachi, gestorven waren, verdween de profetische geest uit het Joodse volk..." (Yoma 9b)(7)

Als iemand geïnteresseerd is in hoe een profeet te worden, is er een instructieboek beschikbaar. Het heet "Pad van de Rechtvaardige" en het werd in de 18e eeuw geschreven door de grote Kabbalist, Rabbi Moshe Chaim Luzzato, ook bekend als de Ramchal. Het is een gids over hoe je jezelf fysiek, emotioneel en spiritueel volledig onder controle kunt krijgen, zodat je deze wereld kunt overstijgen en een profeet kunt worden. In zijn boek, De Weg van God, geeft Rabbi Luzzatto een duidelijke definitie van het concept profetie:

Het belangrijkste concept van ware profetie is dus dat een levend persoon zo'n verbondenheid en band met God bereikt. Dit op zichzelf is zeker een zeer hoge graad van perfectie. Daarnaast gaat het echter vaak gepaard met bepaalde informatie en verlichting. Door profetie kan men kennis verkrijgen van vele verheven waarheden onder Gods verborgen mysteriën. Deze dingen worden zeer duidelijk waargenomen... Onderdeel van de loopbaan van een profeet kan zijn, dat hij door God op een zending wordt gezonden(8).

Maar zelfs als je dat boek beheerst, zul je geen profeet zijn. Waarom niet? Omdat de poorten der profetie voor ons gesloten zijn. Waarom? Omdat profetie alleen mogelijk is als de rest van het Joodse volk ook geestelijk verheven is.

Als individu kun je een enorm hoog niveau bereiken, maar je kunt slechts zo hoog reiken. Om helemaal tot de top te komen en door de drempel heen te breken, moet je "op de schouders gaan staan" van het Joodse volk, want er moet een minimumniveau van spiritualiteit van de hele natie zijn waarop je kunt steunen, zodat je het niveau van profetie kunt bereiken. Als de natie onder dat niveau zakt, die drempel, maakt het niet uit hoezeer je op je tenen gaat staan en omhoog reikt, je zult niet slagen. En tijdens de periode van de Tweede Tempel zullen we zien dat het Joodse volk onder een bepaalde drempel van spiritualiteit zakt, die het gedurende de hele periode nooit meer zal bereiken.

Zoals we zagen in het Purim-verhaal - tegen de tijd dat we bij de periode van de Tweede Tempel aankomen - is Gods aanwezigheid verborgen, de Ark des Verbonds is verborgen, evenals de profetie.

De Talmoed zegt dat er in deze tijd zeker personen leefden die, als zij eerder hadden geleefd, zeker profeten zouden zijn geweest. "Er is iemand onder u die het verdient dat de Shechina (Goddelijke Aanwezigheid) op hem zou rusten zoals op Mozes, maar zijn generatie verdient het niet." (Sanhedrin 11a) Maar de deur naar profetie was dichtgeslagen in het gezicht van het Joodse volk. En ons wordt verteld dat hij pas weer geopend zal worden in het Messiaanse Tijdperk.

Na de verwoesting van de Eerste Tempel, toen het duidelijk werd dat het Joodse volk geestelijk zwakker werd, kwam een groep wijze leiders bijeen - en breidde het Sanhedrin, het Joodse Hooggerechtshof uit van 70 tot 120 leden - met een speciaal doel om het Jodendom in de Diaspora en erna te behouden en te versterken. Zij waren de Mannen van de Grote Vergadering.

1) Zie Talmoed - Yoma 52b-53b.
2) Talmoed - Yoma 53b
3) Nechemia 10:30-31.
4) Zie Talmoed - Yoma 9a.
5) Zie: Talmoed - Yoma 19b-voor een verslag van Sadduceese Hogepriester die sterft als gevolg van zijn ongepaste handelingen terwijl hij zich in het Heilige der Heiligen bevond.
6) Zie: Rashi op Shir HaShirim 6:5.
7) Zie ook: Talmoed - Sanhedrin 11a
8) Luzzatto, Derech Hashem III:3:4 & III:4:6; zie ook Talmoed - Nedarim.

Bron: History Crash Course #25: The Second Temple