www.wimjongman.nl

(homepagina)

door Khaled Abu Toameh - 25 juni 2020

( )

Islamitische functionarissen in de Gazastrook roepen nu de Palestijnen op om terreuraanslagen op Israël te plegen, niet vanwege het "annexatie"-plan, maar om de Joden uit het "Palestijnse Arabische islamitische land" te verdrijven. Op de foto: Hamas-schutters in de Gazastrook. (Foto door Said Khatib/AFP via Getty Images)

Voor de Palestijnse islamitische geestelijken betekent het voornemen van Israël om de soevereiniteit uit te breiden tot delen van de Westelijke Jordaanoever, met name de Joodse nederzettingen en de strategische Jordaanvallei, heel weinig: voor hen hebben de Joden "geen recht op Palestijns, Arabisch en islamitisch land."

Het standpunt van de islamitische figuren is in tegenspraak met de bewering van de Palestijnse Autoriteit dat het annexatieplan "de tweestatenoplossing en elke kans op een vredesproces met Israël zou vernietigen."

Het beeld dat functionarissen van de Palestijnse Autoriteit schetsen is dat de Israëlische annexatie van een deel van de Westelijke Jordaanoever het enige obstakel is voor regionale vrede, veiligheid en stabiliteit. Volgens deze functionarissen zou het Israëlische plan de Palestijnen het recht ontnemen om een onafhankelijke en soevereine staat op te richten op de wapenstilstandslijnen van vóór 1967.

Een grote groep Palestijnse islamitische geleerden en geestelijken is het echter klaarblijkelijk niet eens met de bewering van de Palestijnse Autoriteit.

Op 21 juni hield de Vereniging van Palestijnse Geleerden een bijeenkomst in de Gazastrook om het Israëlische plan te bespreken. De bijeenkomst werd bijgewoond door verschillende islamitische religieuze rechters die de Hoge Raad van de Sharia-rechtspraak vertegenwoordigen, hoge functionarissen van het door Hamas gecontroleerde ministerie van Waqf en Religieuze Zaken, academici van verschillende islamitische hogescholen en universiteiten, alsmede juristen die uitspraken doen over het islamitische recht (sharia).

In een verklaring na de bijeenkomst veroordeelden de islamitische religieuze persoonlijkheden, met verwijzing naar Israël, de "bezettende entiteit", het Israëlische plan om de soevereiniteit uit te breiden naar delen van de Westelijke Jordaanoever als "gevaarlijk".

Hun verklaring maakt al snel duidelijk dat wat de islamitische geleerden en geestelijken echt dwars zit, niet de mogelijkheid is dat Israël zijn soevereiniteit oplegt aan de Joodse nederzettingen en de Jordaanvallei.

Ze maken zich echt geen zorgen over de mogelijkheid dat Israël 10% of 20% of 30% van de Westelijke Jordaanoever zou kunnen annexeren. Er is iets dat hen veel meer zorgen baart dan welk deel van de Westelijke Jordaanoever dan ook, en dat is het bestaan van Israël zelf. De islamitische geleerden en geestelijken geloven dat Israël geen recht heeft op soevereiniteit over Tel Aviv, Haifa, Nazareth, Tiberias, Jeruzalem of enig ander deel van Israël.

De islamitische leiders spreken zelfs hun eigen verklaring tegen door te doen alsof ze zich alleen maar zorgen maken over het ogenschijnlijke verlies van land op de Westelijke Jordaanoever aan Israël.

Aan de ene kant zeggen ze dat "een van de gevaarlijkste dingen die deze [Israëlische] vijand van plan is om te doen, door een deel van het Palestijnse land te annexeren aan hun overheersende entiteit." Ze doen alsof, met andere woorden gezegd, dat ze zich alleen zorgen maken over de "annexatie" van delen van de Westelijke Jordaanoever.

Aan de andere kant benadrukken de islamitische leiders dat "Palestina, heel Palestina, van de [mediterrane] zee tot aan de [Jordaan] rivier, een Palestijns Arabisch-islamitisch land is waar de Joden en Zionisten geen recht op hebben." Ze gaan verder met uit te leggen dat "dit feit niet zal worden veranderd door maatregelen van de [Israëlische] vijand."

Uit de verklaring blijkt duidelijk dat, of het "annexatie"-plan nu wordt uitgevoerd of niet, veel moslims de staat Israël nog steeds zouden verwerpen omdat die volgens hen Palestijns-Arabisch-islamitisch land dat zich uitstrekt van de Middellandse Zee tot aan de rivier de Jordaan, blijft "overheersen". Het is volstrekt verkeerd om aan te nemen dat als Israël van haar plan afziet, de meeste moslims hun wens zouden opgeven om Israël te vernietigen en te vervangen door een extremistische islamitische staat in de stijl van Iran.

Om hun argument dat het belangrijkste probleem niet de Westelijke Jordaanoever is, nog verder te onderbouwen, zeiden de geleerden en geestelijken dat "de erkenning van de staat van deze overheersende entiteit een religieuze, juridische, humanitaire en historische misdaad is die onmiddellijk moet worden gecorrigeerd door de afschuwelijke Oslo-akkoorden op te zeggen."

Het probleem is dus niet zozeer het "annexatie"-plan dat zij geannuleerd willen zien, maar de Oslo-akkoorden die in 1993 en 1995 tussen Israël en de PLO werden ondertekend. Deze akkoorden markeerden het begin van het zogenaamde Israëlisch-Palestijnse vredesproces, nadat de PLO het bestaansrecht van Israël in vrede en veiligheid zou hebben erkend.

Door de akkoorden "nietig" te verklaren, riepen de geleerden en geestelijken de Palestijnse Autoriteit en haar president, Mahmoud Abbas, op om "de rampzalige akkoorden af te zweren, zich aan de kant van het volk te scharen en de krachten te bundelen in het verzet en met hun mannen." Dit is niet alleen een directe bedreiging voor Abbas en zijn medewerkers, maar ook een oproep aan hen om hun terreuraanslagen op Israël op te voeren en op te waarderen.

Als onderdeel van zijn poging om het Palestijnse publiek in het algemeen en de islamitische extremisten in het bijzonder te sussen, kondigde Abbas op 19 mei zijn besluit aan om af te zien van alle overeenkomsten en afspraken met Israël en de VS, met inbegrip van de samenwerking op veiligheidsgebied.

Dit besluit heeft de islamitische geleerden en geestelijken, maar ook Hamas en de Palestijnse Islamitische Jihad echter niet tevredengesteld. Zij eisen nu dat hij en zijn regering en veiligheidstroepen zich uitdrukkelijk aansluiten bij de gewapende strijd tegen Israël.

Bovendien willen ze dat Abbas de Oslo-akkoorden openlijk opzegt om te voorkomen dat hij wordt beschuldigd van het plegen van een "religieuze, juridische, humanitaire en historische misdaad" tegen zijn volk.

Het besluit van Abbas om weg te lopen uit de akkoorden met Israël en de veiligheidscoördinatie tussen zijn veiligheidstroepen en de Israëlische autoriteiten stop te zetten, heeft in feite de eetlust van vooraanstaande islamitische functionarissen aangewakkerd. Zij roepen nu de Palestijnen op om terreuraanslagen op Israël te plegen, niet vanwege het "annexatie"-plan, maar om de Joden uit het "Palestijnse Arabische islamitische land" te verdrijven. In hun verklaring drongen de geleerden en geestelijken er bij de Palestijnen op aan om "op te staan en in opstand te komen tegen de nazi-bezetter met alle mogelijke middelen."

De Palestijnen hebben de term "alle mogelijke middelen" vaak geïnterpreteerd als een groen licht voor het uitvoeren van diverse terreuraanslagen, waaronder zelfmoordaanslagen, drive-by shootings, steekpartijen, raketten en het afvuren van raketten op Israëlische steden.

Wanneer dit groene licht komt van een invloedrijk religieus orgaan als de Vereniging van Palestijnse Geleerden, draagt het natuurlijk in zich een extra gewicht en geloofwaardigheid, vooral voor devote moslims die het grootste deel van hun tijd in de moskeeën doorbrengen en elk woord dat door imams en andere islamitische figuren wordt geuit serieus nemen.

De volgende keer dat een terrorist een mes in de keel van een Jood steekt, zal dat door de met bloed doordrenkte handen van dergelijke geleerden en geestelijken zijn. De angst van Abbas om zijn mond open te doen tegen deze prominente moslims is op zijn minst zinvol. Het doodse stilzwijgen van de internationale gemeenschap voor deze moorddadige opruiing heeft echter veel minder zin. Wie Israël onder druk zet om niet door te gaan met het "annexatie"-plan, moet eens horen wat dag en nacht de islamitische leiders zeggen: dat het conflict niet over Joodse nederzettingen of de Jordaanvallei gaat, maar over de "grote nederzetting" die Israël heet.

Khaled Abu Toameh, een bekroond journalist uit Jeruzalem, is een Shillman Journalism Fellow van het Gatestone Institute.

Vertaling door W.J. Jongman en H. Sleijster

© 2020 Gatestone Institute. Alle rechten voorbehouden. De artikelen hier afgedrukt geven niet noodzakelijkerwijs de standpunten weer van de vertalers of van Gatestone Institute.

Bron: Palestinians: Is It Really about 'Annexation'?