(homepagina)

17 april 2012

Door George Friedman

Turkije is weer in opkomst als een belangrijke regionale macht. In zekere zin zit het in een proces van terugkeer naar zijn positie voorafgaande aan de Eerste Wereldoorlog, toen het de zetel was van het Ottomaanse Rijk. Maar terwijl deze Ottomaanse vergelijking een oppervlakkige waarde heeft voor het begrijpen van de situatie, als er geen rekening wordt gehouden met de veranderingen in de manier waarop het mondiale systeem en de regio werkt. Daarom, om de Turkse strategie te begrijpen, moeten we de huidige omstandigheden begrijpen waarin het zich bevindt.

Het einde van de Eerste Wereldoorlog bracht ook een einde aan het Ottomaanse Rijk en verminderde de Turkse soevereiniteit tot Klein-Azië en een strook land aan de Europese kant van de Bosporus. Die vermindering bracht Turkije terug vanaf de overbelast positie waarin men zich probeerde te handhaven, een rijk dat zich uitstrekte van het Arabische schiereiland tot aan de Balkan. In praktische zin, door hun te verslaan werd een probleem opgelost omdat de strategische belangen van Turkije haar macht ging overtreffen. Na de Eerste Wereldoorlog, werden de belangen van Turkije gereorganiseerd tot aan hun macht. Hoewel het land nu dus veel kleiner was, was het ook veel minder kwetsbaar dan het als Ottomaans Rijk was geweest.

Het Rusland Probleem

Tegelijkertijd, verbond een bepaald factor deze beide periodes: de angst voor Rusland. Van haar kant leed Rusland weer onder de last van een belangrijke strategische kwetsbaarheid. Elk van hun havens - Sint-Petersburg, Vladivostok, Moermansk en Odessa - waren alleen toegankelijk door zeestraten die werden gecontroleerd door potentieel vijandige machten. De Britten blokkeerden de verschillende Deense zeestraten, de Japanse blokkeerden de toegang tot Vladivostok en de Turken blokkeerden de toegang tot de Middellandse Zee. Het Russische nationale beleid was dan ook voortdurend gefocust op het verwerven van de controle over de Bosporus, alsmede ook het voorkomen van een blokkade om hun macht in de Middellandse Zee uit te oefenen.

Daarom hadden de Russen een bijzonder belang bij het hervormen van de Turkse soevereiniteit. In de Eerste Wereldoorlog, lagen de Ottomanen in lijn met de Duitsers, die vochten tegen de Russen. In het interbellum en de Tweede Wereldoorlog periode, waarin de Sovjets zwak waren of afgeleid, is Turkije neutraal gebleven tot februari 1945, toen het oorlog aan de As werd verklaard. Na de oorlog, toen de Sovjets machtig waren en een poging deden tot geheime operaties om zowel Turkije als Griekenland te ondermijnen, werden de Turken nauw verbonden aan de Verenigde Staten en werden lid van de NAVO (ondanks de grote afstand tot de Noord-Atlantische Oceaan).

Van 1945 tot 1991 werd Turkije opgesloten in een relatie met de Verenigde Staten. De Verenigde Staten volgde een strategie om de Sovjet-Unie achter een lijn te houden die loopt van Noorwegen naar Pakistan. Turkije was een belangrijk element daarin vanwege de controle over de Bosporus, maar ook omdat een pro-Sovjet-Turkije de deur zou openen voor een directe druk van de Sovjet-Unie op Iran, Irak en Syrië. Een Sovjet-geallieerde of Sovjet-beïnvloed Turkije zou het centrum hebben verbroken van het Amerikaanse containment-systeem, met een verandering in de machtsverhoudingen. Samen met Duitsland, was Turkije het draaipunt van de Amerikaanse en NAVO-strategie.

Vanuit Turks oogpunt, was er geen andere optie. De Sovjets waren uit de Tweede Wereldoorlog gekomen in een uiterst machtige positie. West-Europa was een puinhoop, China was communistische geworden. Terwijl er een overschot was aan militaire capaciteit van de Sovjets, ondanks de enorme schade die ze hadden geleden in de oorlog, overtrof hun vermogen ver de macht van de naties in hun periferie - waaronder Turkije - en die de Russen niet konden weerstaan. Gezien het belang van de Bosporus en Klein-Azië voor de Sovjets, was Turkije echter van fundamenteel belang. Door het niet in staat zijn om op eigen kracht de Sovjets te weerstaan, plaatste Turkije zich in een zeer strakke, wederzijds voordelige relatie met de Verenigde Staten.

Tijdens de Koude Oorlog was Turkije een strategische noodzaak voor de Verenigde Staten. Turkije had noordelijk te maken met de Sovjets en met twee Sovjet-vazallen, Syrië en Irak, in het zuiden. Israël hield Syrië uit de buurt van Turkije. Maar deze strategische logica verdween in 1991 met de val van de Sovjet-Unie. Tegen die tijd was deze liga gefragmenteerd. De Russische macht trok zich terug uit de zuidelijke Kaukasus en de Balkan en de opstanden in de noordelijke Kaukasus brachten het Russische leger op de kniën. Armenië, Georgië en Azerbeidzjan werden onafhankelijk. Oekraïne werd ook onafhankelijk, waardoor de status van de Russische Zwarte Zeevloot op de Krim onduidelijk werd. Voor het eerst sinds de vroege jaren van de Sovjet-Unie, werd Turkije bevrijd van haar angst voor Rusland. Dit element van de Turkse buitenlandse politiek was verdwenen, en daarmee ook de Turkse afhankelijkheid van de Verenigde Staten.

De Post-Sovjet-Verandering

Het duurde een tijdje voordat de Turken en de Amerikanen de verschuiving gingen herkennen. Strategische relaties hebben de neiging om op hun plaats blijven staan, zelfs als veel van de inertie van de strategische omgeving die het gevormd heeft verdwijnt, het duurt vaak tot een nieuwe strategische werkelijkheid dit verstoort. Zo is de relatie van Turkije met de Verenigde Staten voor een tijd intact gebleven. De voortdurende pogingen om tot de Europese Unie in te treden werden ook voortgezet. De relatie met Israël bleef ook intact, ook nadat de Amerikaanse redenen voor het sponsoren van de Turks-Israëlische strategische banden waren verminderd.

Het is veel gemakkelijker om een ​​strategisch beleid te smeden bij het zien van een duidelijke bedreiging, dan onder een aantal niet-gedefinieerde mogelijkheden. Voor Turkije, werden de kansen steeds groter, maar bepalen hoe ervan te profiteren vormde voor hen een uitdaging. Voor Turkije, was de belangrijkste breekpunt met het verleden, het jaar 2003 met de Amerikaanse invasie in Irak. Vanuit het oogpunt van Turkije gezien was de invasie niet nodig, en dreigde Iran machtig te maken, en bracht binnenlandse politieke uitdagingen. Voor het eerst sinds de Tweede Wereldoorlog, weigerden de Turken niet alleen deel te nemen aan een Amerikaans initiatief, maar voorkwamen ook dat de Amerikanen gebruik zouden maken van Turks grondgebied om de invasie op te starten.

Turkije zag zich geconfronteerd met een situatie waarin de relatie met de Verenigde Staten gevaarlijker bleek te zijn, inplaats dat een alliantie met de Verenigde Staten dit zou afwenden. En dat bleek het keerpunt te zijn in het post-Sovjet-Turkse buitenlands beleid. Zodra Turkije had besloten om niet mee te werken met de Verenigde Staten - het kern principe voor tientallen jaren - zou haar buitenlands beleid nooit meer hetzelfde zijn. Het trotseren van de Verenigde Staten kwam niet uit de lucht vallen. In feite, als het om de oorlog in Irak ging, konden de Turken zichzelf over dit onderwerp als wijzer zien dan de Amerikanen en de Amerikanen hadden geen weerwoord.

Dat liet de Turken vrij om andere relaties te overwegen. Een voor de hand liggende optie was om zich verbinden met Europa, met de belangrijkste machten die ook tegen de Amerikaanse invasie waren. Die gemeenschappelijkheid, was echter niet voldoende om Turkije het EU-lidmaatschap te laten krijgen. Om tal van redenen, als de angst voor een massale Turkse emigratie en een Griekse vijandigheid, stokte het lidmaatschap van Turkije. Het lidmaatschap van de Europese Unie werd niet alleen voelbaar op het gebied van het buitenlands beleid, of beter gezegd, voor de secularisten het symbool van het idee dat Turkije als een Europees land was met Europese waarden. Maar het besluit over het lidmaatschap van Turkije was, om hen niet toe te laten. Uiteindelijk is de Europese beslissing, om in essentie het lidmaatschap van Turkije te blokkeren, kreeg Turkije daardoor een meer dynamische economie dan de meeste landen van Europa en zonder de aansprakelijkheid voor de schulden van Griekenland.

De mislukte integratie met Europa en de transformatie in de banden met de Verenigde Staten, die van een onmisbare relatie naar een onderhandelbare (en wenselijk is) werd uiteindelijk Turkije gedwongen om een ​​post-Koude Oorlog-strategie te creëren. Deze strategie is ontstaan ​​uit drie feiten. Ten eerste, Turkije werd niet meer geconfronteerd met een directe existentiële bedreiging, en zelfs de secundaire bedreigingen waren beheersbaar. Ten tweede, ontwikkelde Turkije zich economisch heel snel en had de meest krachtige militaire macht in de regio. En ten derde, werd Turkije omringd door steeds met instabiele en gevaarlijke buren. Irak en Syrië waren beiden instabiel geworden. Iran steeds assertiever, en een oorlog tussen Iran en Israël en/of de Verenigde Staten is nog steeds een mogelijkheid. De Kaukasus was rustig, maar de Russische invasie van Georgië in 2008 en de voortdurende spanningen tussen Azerbeidzjan en Armenië zijn nog steeds belangrijke factoren. De Balkan is bedaard na de Kosovo-oorlog, maar de regio bleef onderontwikkeld en potentieel instabiel. In het afgelopen jaar, is Noord-Afrika onstabiel geworden, en werd Rusland assertiever en de Verenigde Staten begon zich verder weg op te stellen en werd onvoorspelbaar.

Drie processen die de strategie van Turkije definiëren. De eerste is de toename in haar relatieve vermogen. Op het gebied van destabiliserende krachten, is de relatieve sterkte van Turkije iets dat Ankara steeds meer voorziet van nieuwe opties. Het tweede, de mogelijke gevaren voor de Turkse belangen door de destabilisatie, die Turkije naar buiten trekt als Ankara manieren zoekt om de instabiliteit te beheersen. Het derde is de realiteit dat de Verenigde Staten in het proces zit van herdefiniëren van haar rol in de regio na de oorlog in Irak en niet langer een stabiele en voorspelbare kracht is.

De overgangsfase

Turkije is in opkomst als een grote mogendheid. Het is daartoe nog niet uitgegroeid om tal van redenen, waaronder de gelimiteerde instellingen voor het beheer van regionale zaken, met een politieke basis die nog niet bereid is om Turkije te zien als een belangrijke macht of de ondersteuning voor regionale steunmaatregelen, en een regio die nog niet bereid is om naar Turkije te kijken als een heilzame, stabiliserende kracht. Veel stappen zijn nog nodig, voor elke macht, om te voorschijn te komen als de dominante regionale kracht. Turkije is pas net begonnen om die stappen te zetten.

Op dit moment zit de Turkse strategie in een overgangsfase. Het is niet meer opgesloten in de Koude Oorlog houding als slechts een onderdeel van een alliantie systeem, maar heeft noch niet de fundering gelegd voor een volwassen regionaal beleid. Het heeft geen controle over de regio en het kan niet simpelweg negeren wat er gebeurt. Het Syrische geval is leerzaam. Syrië is de naaste buur van Turkije, en de instabiliteit in Syrië kan invloed hebben op Turkije. Er is geen internationale coalitie die bereid is om stappen te nemen om Syrië te stabiliseren. Daarom heeft Ankara een standpunt waarin men zich onthoudt van een openlijke actie, maar houdt de opties open mochten de zaken ondraaglijk worden voor Turkije.

Als we de Turkse periferie in zijn geheel beschouwen, zien we deze overgangsperiode in het buitenlands beleid aan het werk, hetzij in Irak of in de Kaukasus. Met Iran, vermijdt men gewoon deel uit te maken van de Amerikaanse coalitie terwijl ze ook weigeren om de kampioen van de Iraanse positie te worden. Turkije heeft nog niet een regionaal evenwicht aan macht geschapen, zoals een volwassen regionale macht dat zou doen. In plaats van het ontstaan ​​van een Turkse machtsevenwicht in die zin dat er een Turkse evenwicht is gekomen tussen de onderwerping aan de Verenigde Staten en autonome assertiviteit. Deze periode van evenwicht is voor een opkomende macht voorspelbaar, de Verenigde Staten ging door een soortgelijke fase heen tussen 1900 en de Eerste Wereldoorlog.

Turkije heeft duidelijk twee belangrijke binnenlandse kwesties om aan te pakken als het vooruit wil gaan. Wij zeggen “als het vooruit gaat”, omdat geen enkel land ooit al zijn binnenlandse problemen niet oploste voordat deze een grotere internationale rol ging spelen. Een daarvan is de voortdurende spanning tussen de seculiere en religieuze elementen in de samenleving. Dit is zowel een binnenlandse spanning en af ​​en toe een spanning in het buitenlands beleid, met name in de context van de radicale islamisten, waar elk teken van islamitische religiositeit hen kan alarmeren als ook de niet-islamitische machten hun gedrag veranderen in de richting van Turkije. De andere is de Koerdische kwestie in Turkije, zoals opgeroepen door de militante Koerdische Arbeiderspartij (PKK).

Het eerste probleem is endemisch in de meeste samenlevingen dezer dagen, het bepaalt de Amerikaanse politiek. Het is iets waar volken mee leven. Het PKK probleem is echter uniek. De Koerdische kwestie doorsnijdt de regionale kwesties. Bijvoorbeeld de kwestie van de toekomst van Irak heeft betrekking op de mate van autonomie die de Iraakse Koerdische regio heeft, welk een effect dit op de Turkse Koerden zou kunnen hebben. Maar het grote probleem voor Turkije is dat zolang het Koerdische probleem nog niet is opgelost, vreemde mogendheden, in tegenstelling tot het toenemen van Turkije in macht, de Koerden zien als een Turkse zwakte en met geheime interventies in de Koerdische regio, een kans zien om de Turkse macht te ondermijnen.

Turkije is al op hun hoede vanwege de Syrische en Iraanse pogingen om Turkije te beperken door middel van Koerdische militanten. Hoe krachtiger Turkije wordt, hoe meer ongemakkelijk enigen in de regio, op zijn minst, zullen worden, en dit verhoogt daadwerkelijk de Turkse kwetsbaarheid voor een interventie van buitenaf. Daarom moet Turkije de Koerdische kwestie oplossen, omdat de regionale onrust en separatisme aangewakkerd kan worden door externe vijanden die de macht van Turkije ondermijnen en de huidige trend keren met steeds grotere kracht.

Er is een paradox, namelijk dat, hoe sterker een natie wordt, hoe kwetsbaarder het zou kunnen worden. De Verenigde Staten was ongetwijfeld veiliger tussen de Burgeroorlog en de interventie in de Eerste Wereldoorlog, dan ooit. Dat geldt ook voor Turkije wat waarschijnlijk veiliger was tussen 1991 en vandaag dan het zal zijn wanneer het een grote macht wordt. Tegelijkertijd is het onveilig om alleen maar een junior bondgenoot te zijn van een ​​wereldmacht wat weer risico’s geeft met andere landen.

Het idee van veiligheid tussen de naties op de lange termijn is een illusie. Het blijft niet zo duren. De huidige strategie van Turkije is om het zo lang mogelijk te laten duren. Dit betekent dat gebeurtenissen eromheen hun koers zullen nemen met de redelijke veronderstellingen van dit moment, de uitkomst van deze gebeurtenissen zullen niet Turkije niet bedreigen, niet zoveel als een Turkse ingreep zou doen. Maar zoals we al zeiden, is dit een tijdelijke beleid. De instabiliteit in het zuiden, de opkomst van een Iraanse invloedssfeer, een verdieping van de Russische invloed in de Kaukasus en de kans dat op een gegeven moment in de Verenigde Staten het Midden-Oosten-beleid weer zou kunnen veranderen en proberen om Turkije weer in zijn coalitie te trekken - al deze argumenten tegen de overgangsregeling kunnen een permanent karakter krijgen.

Turkije is interessant, juist omdat het een plek is om de overgang van een kleiner land te bestuderen in de overgang naar een grotere macht. Grootmachten zijn minder interessant, omdat hun gedrag over het algemeen voorspelbaar is. Maar het beheersen van een overgang naar macht is enorm veel moeilijker dan het uitoefenen van macht. Veranderende macht en het zichzelf in balans houden als de wereld om je heen in chaos is, en de grond onder je voeten aan het wegglijden is.

De druk van deze dingen in een samenleving en op een regering zijn enorm. Het brengt elke zwakte naar voren en test elke sterkte. En voor Turkije, zal het een tijdje duren voordat de overgang zal leiden tot een stabiel platform van macht.

Turkey's Strategy | Stratfor

Printen??? Spaar papier en inkt.