www.wimjongman.nl

(homepagina)

Hoe Palestijnse leiders de waarheid afslachten

door Bassam Tawil | 10 juni 2019

( )

De golf van terroristische aanvallen op Israëlische politieagenten en burgers begon kort nadat de president van de Palestijnse Autoriteit, Mahmoud Abbas, in 2015 zei dat de Palestijnen niet zullen toestaan dat Joden "met hun smerige voeten onze Al-Aqsa Moskee verontreinigen" en "We zegenen elke druppel bloed die is vergoten voor Jeruzalem, dat schoon en zuiver van bloed is, bloed vergoten voor Allah..." (Beeldbron: Palestijnse media. Bekijk video screenshot)

De Palestijnse Autoriteit (PA) is in het geweer gekomen omdat Israëlische politieagenten een Palestijn hebben gedood die twee Joden heeft neergestoken in de oude stad Jeruzalem. De 19-jarige terrorist Yusef Wajih, uit het dorp Abwain op de Westelijke Jordaanoever, bij Ramallah, stak een van de mannen in de nek en het hoofd van een man bij de Damascuspoort van de oude stad en liet hem in ernstige toestand achter.

Het tweede slachtoffer was een 16-jarige, die door de terrorist een paar honderd meter van de plaats van de eerste aanval in de rug werd gestoken. De tiener raakte licht tot matig gewond. Politieagenten schoten de terrorist neer en doodden hem, waardoor hij geen Joden meer kon schaden.

Zulke steekpartijen zijn niet ongewoon in de straten van Jeruzalem. In de afgelopen jaren hebben Palestijnse terroristen verschillende steek- en schietaanvallen uitgevoerd op Israëlische politieagenten en burgers, in het bijzonder op ultraorthodoxe Joden die op weg waren naar of van het gebed bij de westelijke muur.

De golf van terroristische aanslagen begon kort nadat president Mahmoud Abbas van de Palestijnse Autoriteit in 2015 zei dat de Palestijnen niet zullen toestaan dat Joden "met hun smerige voeten onze Al-Aqsa Moskee verontreinigen". Abbas verwees naar het besluit van de Israëlische autoriteiten om de Joodse bezoeken aan de Tempelberg te laten hervatten. De bezoeken waren tijdelijk opgeschort om veiligheidsredenen na de uitbarsting van de Tweede Intifada in september 2000.

Abbas, die sprak tijdens een ontmoeting met Arabische inwoners van Jeruzalem in zijn kantoor in Ramallah, voegde eraan toe:

"Wij zegenen elke druppel bloed die is vergoten voor Jeruzalem, dat schoon en zuiver bloed is, bloed dat is vergoten voor Allah, als Allah het wil. Iedere martelaar (Shahid) zal het paradijs bereiken en alle gewonden zullen door Allah worden beloond. De Al-Aqsa (Moskee) is van ons, de kerk van het Heilige Graf is van ons, en zij hebben geen recht om die te verontreinigen met hun vuile voeten. Wij zullen het hen niet toestaan, en we zullen alles doen wat in onze macht ligt om Jeruzalem te beschermen.

Sinds de verklaring van Abbas voert de Palestijnse media een campagne met ophitsingen tegen Joods bezoek aan de Tempelberg. Het officiële persbureau van Abbas, Wafa, beschrijft de vreedzame bezoeken van Joden regelmatig als zijnde gewelddadige incidenten door "kolonisten" en "extremisten". Bijna wekelijks publiceert Wafa een verslag onder de kop: "Joodse kolonisten bestormen de Al-Aqsa Moskee."

Zulke rapporten zijn bedoeld om de Palestijnen een boodschap te sturen dat de Joden een soort gewelddadige "inval" doen in een van de heiligste heiligdommen van de Islam.

De waarheid is dat de Joden die op de Tempelberg rondlopen nooit in een van de moskeeën ter plaatse zijn binnengedrongen, of betrokken zijn geweest bij enige vorm van gewelddadige aanval op moslimgelovigen.

Abbas en zijn Palestijnse Autoriteit echter worden niet gehinderd of verward door de feiten. De terrorist die de twee Joden in de Oude Stad van Jeruzalem neerstak, werd ongetwijfeld beïnvloed door de voortdurende opruiing door de Palestijnse leiders met betrekking tot de Joodse bezoeken aan de Tempelberg. Het is dit soort opruiing dat de Palestijnen ertoe aanzet om een mes te pakken en de eerste de beste Jood die ze ontmoeten neer te steken.

Maar in plaats van de terrorist te veroordelen voor het aanvallen van Joden op de laatste vrijdag van de heilige maand Ramadan - enkele uren voordat honderdduizenden moslimgelovigen voor gebed zouden samenkomen op het terrein van de Al-Aqsa Moskee - koos de Palestijnse Autoriteit ervoor om Israël te hekelen voor het doden van hem.

Ondanks de terroristische aanslag hebben de Israëlische autoriteiten niet verhinderd om honderdduizenden moslimgelovigen uit de Westelijke Jordaanoever Jeruzalem binnen te laten komen voor het vrijdaggebed. Israël had de terroristische aanslag als excuus kunnen gebruiken om beperkingen op te leggen aan de toegang van moslimgelovigen tot Jeruzalem, maar koos in plaats daarvan ervoor om dit niet te doen.

Yusef Wajih, de terrorist, kwam naar Jeruzalem, gewapend met een mes om Joden te doden. Dat was zijn enige doel. Hij had geprofiteerd van de versoepeling van de Israëlische beperkingen tijdens de ramadan - een stap waarbij honderdduizenden moslims elke vrijdag Jeruzalem kunnen binnenkomen om bij de Al-Aqsa Moskee te bidden.

De Palestijnse Autoriteit is niet bezorgd dat de actie van de terrorist de moslimaanbidders die op de laatste vrijdag van de ramadan bij de heilige plaats wilden bidden, heeft kunnen beïnvloeden. De PA is er ook niet bezorgd over dat twee onschuldige Joden door de terrorist zijn neergestoken. Waar de Palestijnse Autoriteit zich wel zorgen over maakt, is het doden van de terrorist.

"Het Palestijnse Ministerie van Buitenlandse Zaken veroordeelt de misdaad van buitengerechtelijke moord die door de bezettingstroepen in Jeruzalem werd uitgevoerd," zei het Ministerie van Abbas in een verklaring kort nadat de Israëlische politieagenten de terrorist doodschoten. Zijn ministerie riep het Internationaal Strafhof (ICC) op om een onderzoek in te stellen "naar deze misdaad en de daders van dergelijke misdaden ter verantwoording te roepen".

Volgens de logica van de Palestijnse Autoriteit zijn de politieagenten die de terrorist hebben gedood de echte criminelen. Wat de Palestijnen betreft, moeten de politieagenten verantwoordelijk worden gesteld voor het voorkomen dat de terrorist zijn steekpartij zou kunnen voortzetten. De agenten zouden zelfs voor het Internationaal Strafhof moeten worden berecht omdat ze het plan van de terrorist hebben verijdeld. Zoals de gewoonte is van het Palestijnse ministerie van Buitenlandse Zaken in hun vele en eerdere veroordelingen van het tegenhouden van terroristen, maakte het Palestijnse ministerie van Buitenlandse Zaken geen melding van de twee Joden die door de terrorist zijn neergestoken.

Door het doodschieten van de terrorist een "buitengerechtelijk doden" te noemen, wil de Palestijnse Autoriteit de indruk wekken dat Israëlische politieagenten onschuldige Palestijnen naar de straat slepen en zonder enige reden publiekelijk executeren. Dit is het type bloedsprookje dat ook Palestijnen ertoe aanzet om terroristische aanslagen tegen Israëliërs uit te voeren.

Het is dus de leiding van de Palestijnse Autoriteit die blijft liegen en hun volk blijft opzetten tegen Israël en de Joden, en dat zou bij het Internationaal Strafhof voor de rechter moeten worden gebracht.

Als het Internationaal Strafhof zich ooit over dit incident zou gaan buigen, zou het haar onderzoek moeten beginnen met een onderzoek naar de wrede aansporingen van Palestijnse leiders, die Joodse bezoeken aan een heilige plaats in Jeruzalem gebruiken om de waarheid af te slachten, net zoals ze Palestijnen als Yusef Wajih oproepen om 's morgens wakker te worden en de eerste de beste Jood die zij ontmoeten af te slachten. Het bloed van Wajih zit aan de handen van Palestijnse leiders, en niet aan die van de politieagenten die een terrorist ervan weerhielden nog meer Joden neer te steken.

Bassam Tawil is een moslim-Arabier uit het Midden-Oosten.

Vertaling door W.J. Jongman en H. Sleijster

© 2019 Gatestone Institute. Alle rechten voorbehouden. De artikelen hier afgedrukt geven niet noodzakelijkerwijs de standpunten weer van de vertalers of van Gatestone Institute.

Bron: How Palestinian Leaders Butcher the Truth