www.wimjongman.nl

(homepagina)

Vervroegde verkiezingen in Turkije zullen de spanningen met Europa doen escaleren

Door Semih Idiz - 24 april 2018

( )

(ADEM ALTAN/AFP/Getty Images) Turkse President Recep Tayyip Erdogan begroet het publiek met het Rabia-teken tijdens de fractievergadering van de Partij voor Gerechtigheid en Ontwikkeling in de Grote Nationale Vergadering van Turkije, Ankara, 24 april 2018.

De toch al gespannen betrekkingen van Ankara en het Westen leidde tot nog grotere spanningen na de oproep van president Tayyip Erdogan om op 24 juni vervroegde presidents- en parlementsverkiezingen te houden. Het gaat daarbij om in Oostenrijk, Duitsland en Nederland om Turkse politici te verbieden daar de buitenlandse Turken te werven, met de mogelijkheid dat andere EU-lidstaten dit voorbeeld zullen volgen.

Oostenrijk, Duitsland en Nederland nemen hier een belangrijke positie in, aangezien zij het grootste deel van de meer dan 3,5 miljoen Turken in Europa herbergen. De banden van Ankara met hen kregen vorig jaar een beperking, nadat ze leden van de Turkse regering, ook met geweld in Nederland, verhinderden om demonstraties te houden voorafgaand aan het zeer controversiële Turkse constitutionele referendum in april 2017. Het door de regering voorgestelde referendum resulteerde in een krappe meerderheid, met een overweldigende steun van de buitenlandse Turken, waardoor de parlementaire democratie van Turkije omver werd geworpen ten gunste van een uitvoerend Presidentschap.

Critici in Turkije en Europa wijzen op het gebrek aan controle en balans op de uitvoerende macht onder het presidentiële systeem, met als argument dat dit een stap is in de richting van een paternalistisch eenmans-regime. Het nieuwe systeem zou volgend jaar worden ingevoerd na de voor 2019 geplande presidents- en parlementsverkiezingen. De oproep van Erdogan tot spoedige verkiezingen betekent dat de overgang van Turkije naar het nieuwe en omstreden regeringsstelsel veel eerder zal plaatsvinden.

Erdogan lijkt vertrouwen te hebben in het winnen van de verkiezingen. De steun van miljoenen Turken in Europa blijft echter van cruciaal belang, omdat hij zich moet ontpoppen als de leider met de claim van de meerderheid van de hele natie om er een morele legitimiteit aan te verlenen.

De spanningen rond de verkiezingen beperken zich niet tot Europa. Ankara is ook naar Washington gegaan om daar te suggereren dat er onder de heersende omstandigheden geen eerlijke verkiezingen zouden kunnen worden gehouden. Bij de dagelijkse nieuwsbriefing van 19 april vertelde de woordvoerster Heather Nauert van het staatsministerie aan de verslaggevers "dat het moeilijk zou zijn om een volledig vrije, eerlijke, en transparante verkiezing te houden... tijdens dit soort noodsituatie.

De noodtoestand is van kracht sinds de mislukte staatsgreep tegen Erdogan en zijn Gerechtigheids- en Ontwikkelingspartij (AKP) in juli 2016, en de regering lijkt niet van plan te zijn om de noodtoestand op korte termijn op te heffen. Nauert benadrukte: "We zouden zeker vrije en eerlijke verkiezingen willen zien, maar dit is een punt van zorg."

Ondertussen is de woede van Ankara nog verder toegenomen door de recente publicatie van jaarverslagen van de Europese Commissie en het Amerikaanse Ministerie van Buitenlandse Zaken over Turkije. In beide verslagen, die Ankara van de hand wijst, wordt de voortdurende verslechtering van de Turkse democratie onderstreept.

Regeringsgezinde commentatoren in de media zijn een campagne begonnen om het Westen te belasteren vanwege hun positie bij de verkiezingen van juni. De aanhangers van Erdogan twijfelen er niet aan op wie de Europeanen zich richten als ze Turkse politici beperkingen opleggen. Erdogan zond vorig jaar schokgolven door heel Europa nadat hij Europese leiders ervan beschuldigde zich te gedragen als nazi's door Turkse ministers van de regering te beletten zich tot buitenlandse Turken te richten over het grondwettelijk referendum.

De Oostenrijkse bondskanselier Sebastian Kurz, die campagne voert om Turkije buiten de EU te houden, heeft na de aankondiging van vervroegde verkiezingen geen tijd verspild door een uiteenzetten te geven van het standpunt van zijn land. In een radio-interview van 21 april zei Kurz dat de vorig jaar in Oostenrijk doorgevoerde wijziging van de wet op openbare bijeenkomsten ingeroepen zou kunnen worden om Turkse politici te beletten daar demonstraties te houden. Kurz klaagde dat Erdogan "Turkse gemeenschappen in Europa jarenlang had geïnstrumentaliseerd", en voegde eraan toe dat hij "niet wilde dat de ontstane sfeer van Turkije naar Oostenrijk werd overgebracht" vanwege de schade die het aan de co-existentie in dat land heeft toegebracht.

Een dag na Kurz maakte minister-president Mark Rutte duidelijk dat Turkse politici ook in Nederland niet welkom zouden zijn. Rutte noemde als reden "bedreiging van de openbare orde". De Nederlandse regering heeft vorig jaar in Turkije verontwaardiging gewekt door politieagenten en politiehonden te gebruiken om demonstranten te verspreiden nadat de regering een Turkse minister had belet om de Erdogan-aanhangers te ontmoeten.

De Duitse minister van Buitenlandse Zaken Heiko Maas sloot zich op 23 april bij het koor aan, waarmee hij aangaf dat Turkse politici ook in Duitsland niet zouden mogen werven. "Ons standpunt hieromtrent is duidelijk", vertelde Maas aan verslaggevers tijdens een bijeenkomst van ministers van Buitenlandse Zaken van de G-7 in Toronto. "Campagne voeren voor verkiezingen in het buitenland in Duitsland is niet toegestaan in de drie maanden voor de verkiezingen.

Erdogan blijft echter uitdagend. Hij vertelde de Turkse NTV op 22 april dat de voorbereidingen voor hem gaande zijn om 10.000 à 11.000 Turken in Europa toe te gaan spreken voordat de stemmingen worden afgerond. Hij zei dat het "tijdens de vergadering van een internationale organisatie zou plaatsvinden", maar wilde niet het land noemen waar het zou gebeuren.

Ankara probeert ook Oostenrijk, Duitsland en Nederland aan de schandpaal te nagelen door ze te beschuldigen van het ondermijnen van democratische waarden met het verbod op Turkse politici. De Turkse EU-minister Omer Celik noemde Oostenrijk en Nederland als "ondemocratisch" en hypocriet. Celik beschuldigde Kurz en Rutte er ook van bij te dragen aan de groei in hun land van racistische groeperingen die de Europese waarden verwerpen.

Ilnur Cevik, een adviseur voor buitenlandse politiek van Erdogan, is van mening dat het Westen zich probeert te bemoeien met de Turkse verkiezingen.

"Het komt er allemaal op neer dat de westerse leiders duidelijk zien dat de democratische verkiezingen in Turkije de zoveelste Erdogan-regering zullen voortbrengen en dat ze dat gewoon niet willen accepteren", schreef Cevik in een artikel voor de regeringsgezinde Daily Sabah. "Dit zijn dezelfde leiders en regeringen die zich actief hebben uitgesproken tegen de grondwetswijziging van 2017, wat Turkije naar een presidentieel regeringsstelsel heeft geleid.

Cevik betoogde ook: "De westerse leiders hebben in hun eigen land de noodtoestand afgekondigd en zijn onder een dergelijk bewind naar de verkiezingen gegaan, zoals in Frankrijk. Het is dus nauwelijks een geldig argument om Turkije te beschuldigen van het houden van verkiezingen in het kader van de noodtoestand."

Bercan Tutar, een andere regeringsgezinde commentator uit Sabah, schreef dat "Erdogan door de presidents- en parlementsverkiezingen te vervroegen, de vijanden van Turkije in het Westen volledig heeft overvallen". Volgens Tutar, heeft de goed geplande beweging van Erdogan de "as van het kwaad ontwapend, en zijn plannen verijdelend om sabotage en provocaties in Turkije in de aanloop tot 2019 [verkiezingen] in werking te stellen.

Fatih Cekirge, een Hurriyet columnist die het presidentschap van Erdogan steunt, schreef dat de belangrijkste dingen om in de verkiezingen tegen te waken, de "externe stemmen en interferenties" zijn. Cekirge schreef: "Het geloof van dit land in de democratie is te zien. Het is ook duidelijk dat het niemand nodig heeft om een democratie te brengen zoals in Irak of Syrië."

Dergelijke opmerkingen suggereren dat de narratieve Erdogan en de AKP hun plan zullen inzetten. Het potentieel voor nog meer problemen met de banden van Turkije met Europa is duidelijk. De prioriteit van Erdogan is echter een beslissende verkiezingsoverwinning, niet het verbeteren van de banden met Europa.

Veel commentatoren zijn van mening dat de indruk dat Erdogan ten onrechte het slachtoffer is geworden van Europa, zijn electorale voordeel zal bewijzen. Het zal de meeste Turken in Europa ertoe aanzetten om op hem te stemmen, een herhaling van de dynamiek rond het referendum van vorig jaar.

Het dilemma van Europa is, dat als Erdogan sterker en mondiger uit de verkiezingen komt, gezien zijn geopolitieke en economische belangen in Turkije, het weinig kan doen om zijn teleurstelling te uiten.

"Het Westen moet beginnen de vooruitzichten te onderzoeken om met Erdogan te leven, in plaats van te proberen van hem af te komen", merkte Cevik op.

Semih Idiz is columnist bij Al-Monitor's Turkey Pulse. Hij is een journalist die zich al dertig jaar bezighoudt met kwesties op het gebied van diplomatie en buitenlands beleid voor grote Turkse kranten. Zijn opiniestukken zijn te volgen in het Engelstalige Hurriyet Daily News. Zijn artikelen zijn ook gepubliceerd in The Financial Times, The Times of London, Mediterranean Quarterly and Foreign Policy magazine.

Bron: Turkey’s snap elections set to escalate tensions with Europe