www.wimjongman.nl

(homepagina)

Hal Lindsey Report

28 september 2018

()

De apostel Paulus waarschuwde Timotheüs: "In de laatste dagen..... zullen de mensen kwaadaardig zijn, met roddels... verraderlijk..." (2 Timotheüs 3:1-4 NASB)

Later in hetzelfde hoofdstuk verklaart hij dat in die tijd "de boze mensen en verleiders steeds erger zullen worden" (2 Timotheüs 3:13). (2 Timotheüs 3:13)

En Paulus was niet eens op de hoogte van sociale media, nepnieuws of The New York Times!

"Mainstream Media" stond niet eens in zijn vocabulaire!

Als het erop aankomt om te bespreken hoe deze voorwaarden vandaag de dag aanwezig zijn, denk ik dat de term 'gevechtsdoel' perfect past: Het is een doelwitrijke omgeving.

Afgezien van de geestdodende waanzin bij de bevestiging van Brett Kavanaugh, een hinderlaag (die is niet "doelrijk," maar "doel-overladen"), zal ik deze week twee recente incidenten bespreken die perfect passen bij de waarschuwing van Paulus. En in beide gevallen gaat het om letterlijke bedreigingen voor het welzijn en misschien wel het overleven van onze natie.

Een paar weken geleden, verscheen er op de New York Times Editorial pagina een stuk van iemand die zich "een senior bestuursambtenaar" noemde. Deze opinie werd geschreven door een "anonieme" auteur (of auteurs), maar de redactie van de krant verzekerde ons dat ze wisten wie het schreef.

Het identificeren met de uitdrukking "een hoge beleidsambtenaar" is opzettelijk vaag.

De vroegere belangrijkste strateeg van Barack Obama, David Axelrod zegt dat de beschrijving iedereen omvat die "de titel van medewerker van de president en alle kabinetsambtenaren" draagt. Dat betekent dat het alleen maar kan verwijzen naar de allerbeste leiding in een regering.

De vermoedelijk "hoge" ambtenaar (denk eraan, het is de New York Times) schreef: "Het dilemma - dat [President Trump] niet volledig begrijpt - is dat vele hogere ambtenaren in zijn eigen beleid ijverig van binnenuit werken om delen van zijn agenda en zijn slechtste neigingen te frustreren. Ik kan het weten. Ik ben één van hen."

Hij, zij, of ze... zeiden dat de successen van de regering "komen ondanks - niet vanwege - de de leidingsstijl van de President, die onstuimig, vijandig, kleingeestig en ondoeltreffend" is.

Vrienden, ik geloof met groot vertrouwen dat de auteur(s) van dit artikel liegen.

Als de hoge leden van de regering werkelijk geloofden dat de President "zou kunnen ontsporen", zouden zij zeker niet over hun geheime activiteiten schrijven in de "newspaer of record" van de natie. Het openbaar maken ervan zou hun inspanningen juist ondermijnen. De aandacht vestigen op zichzelf zou hun superieuren alleen maar waarschuwen om op hun hoede en waakzaam te zijn.

Als je echt bang bent dat iemand onstabiel is en zichzelf of anderen zou kunnen schaden, waarom zou je hem of haar dan paranoia maken?

Tenzij dat je doel is.

Niemand die echt van dit land en zijn instellingen en vrijheden houdt, zou opzettelijk proberen het vertrouwen tussen de President en zijn hoogste ambtenaren te verzwakken of te breken. En dat is duidelijk de bedoeling van dit redactionele artikel.

Het is een extreem voorbeeld van de voorspelde toename van "kwaadaardige roddels" en verraad in de laatste dagen.

Om niet te worden overtroffen door zijn redactionele neef, The New York Times haastte News divisie zich om in actie te komen. Het publiceerde een verhaal waarin wordt beweerd dat de Amerikaanse plaatsvervangend procureur-generaal Rod Rosenstein had "voorgesteld een microfoontje te dragen" bij zijn ontmoetingen met President Trump. Het artikel stelde dat Rosenstein de chaotische stijl van het leiderschap van de President bloot wilde te leggen.

(Ik weet het niet zeker, maar ik denk niet dat een onorthodoxe "stijl van leiderschap" noodzakelijkerwijs een misdaad is, of zelfs een bedreiging! Maar ik ben dan ook slechts een normale Amerikaan. Ik begrijp zulke ingewikkelde concepten niet!

The Times benadrukt dat Rosenstein serieus was. Echter, bronnen voor andere nieuwsorganisaties zeggen dat Rosenstein het wel zei, maar dat hij alleen maar sarcastisch was.

De New York Times beweert ook dat de heer Rosenstein overwoog te lobbyen met leden van het kabinet om het 25e amendement aan te roepen en president Trump uit zijn ambt te verwijderen.

Nu, plaatsvervangend procureur-generaal Rosenstein (vergeet niet, hij is de facto de eerste ordehandhavingsofficier in de natie sinds zijn baas, Procureur-Generaal Jeff Sessions in een soort van eeuwigdurende, limbo-achtig "ontduiking" van alles van immigratie en groep-gerelateerde kwesties lijkt te zijn) ontkent expliciet te geloven dat Trump moet worden verwijderd uit zijn functie.

Maar zijn ontkenningen zijn vaag, dat wel.

Het verhaal van The Times zelf roept andere vragen op. Het zegt: "Verscheidene mensen beschreven de episoden in de gesprekken in de loop van de afgelopen verscheidene maanden, en dringenaan op anonimiteit om interne discussies te bespreken. De mensen werden geïnformeerd over de gebeurtenissen zelf of over memo's geschreven door F.B.I.-ambtenaren.

Let op het woord 'geïnformeerd'. Dat betekent eenvoudigweg dat The New York Times bronnen gebruikte die het alleen had van HOREN zeggen uit de tweede hand over de gebeurtenissen en memo's. Natuurlijk, het spreekt voor zich dat de FBI-communicatie van welke aard dan ook nu met grote argwaan bekeken moet worden.

Rechter Judy zou dat "horen zeggen" en "ontoelaatbaar" noemen.

U en ik zouden het "roddel" kunnen noemen.

De apostel Paulus zou het waarschijnlijk verdubbelen en het "kwaadaardige roddels" noemen!

Toch zijn delen van het verhaal van de Times door andere bronnen bevestigd. Plaatsvervangend procureur-generaal Rosenstein heeft blijkbaar wel met hem gesproken over het dragen van een microfoontje om zijn gesprekken met de President op te nemen.

Zelfs als hij alleen maar een grapje maakte, is het verontrustend. Het is moeilijk genoeg om President van de Verenigde Staten te zijn in zo'n gepolariseerde, antagonistische politieke sfeer. Maar President Trump moet regeren in tijden waarin "kwaadaardige roddels" en "verraderlijke" mannen (en vrouwen) uit hun dak gaan.

Zoals de Bijbel voorspelde.

Vorige week vierden Joden over de hele wereld Jom Kippoer, de Dag van de verzoening. Het is de heiligste dag op de Joodse kalender.

Op Jom Kippoer 45 jaar geleden (6 oktober 1973) lanceerde de Arabische wereld een verraderlijke aanval op de natie Israël. De blitz trof Israël op twee fronten.

Naast Egypte en Syrië werd Israël geconfronteerd met troepen uit Jordanië, Irak, Saoedi-Arabië, Libië, Tunesië, Algerije, Marokko en zelfs Cuba. Allemaal ondersteund en bevoorraad door de Sovjet-Unie.

De "Jom Kippoeroorlog", zoals die vandaag de dag bekend staat, was niet zoals de vorige oorlogen van Israël. Deze keer scoorden Arabische legers grote, dramatische overwinningen. Het Israëlische aantal slachtoffers was het hoogste tot nu toe. Het leek erop dat de Arabieren eindelijk hun droom zouden waarmaken om de Joden de zee in te duwen.

Maar Israël hield stand en was langzaam maar zeker in staat om zijn troepen volledig te mobiliseren. Tegen hoge kosten van mensen en uitrusting begonnen ze de Arabieren af te weren.

Nadat de Sovjet-Unie snel reageerde en de Arabische legers opnieuw bevoorraadde, besloot de Amerikaanse president Richard Nixon aarzelend om een volledige herbevoorradingsinspanning voor Israël te beginnen. Toen die massale bevoorrading eenmaal was begonnen, keerde het tij volledig. Al snel rukte de IDF op naar Caïro en deed beschietingen in de buitenwijken van Damascus.

Een staakt-het-vuren van de Verenigde Naties redde Egypte en Syrië van een bijna onvoorstelbare nederlaag.

Er zijn talloze verhalen over onverklaarbare incidenten die zich hebben voorgedaan tijdens de gevechten die Israël ervan weerhielden om overspoeld te worden. Voor de Israëliërs die de Jom Kippoeroorlog hebben meegemaakt, komt er steeds weer een woord ter sprake: Wonder boven wonder!

Israël zegevierde omdat God tussenbeide kwam.

Het was niet de eerste keer en het zal niet de laatste keer zijn.

Gods zegen, Hal Lindsey

Bron: Hal Lindsey